De supermarkt en de nodige andere winkels blijken een onuitputtelijke bron van menselijk leed en komedie. Om dit te voorkomen, bestel ik meestal bij de PicNic, maar die heeft regelmatig iets niet op voorraad of leveren helemaal niet door logistieke problemen... Er zit dus niets anders op dan toch zelf nog maar even richting supermarkt te gaan.
De groente- en fruitafdeling
Bij binnenkomst stuit je over het algemeen eerst op de groente- en fruitafdeling. Deze afdeling is regelmatig een mijnenveld, je glijdt uit over de bloemkoolbladeren of de kratten van de vakkenvullers blokkeren de doorgang.
Het begint bij de plastic zakjes, alhoewel veel winkels deze inmiddels hebben afgeschaft. Je kan de komkommer meteen in je tas laten vallen of zo’n herbruikbaar groentenetje kopen. Dat netje vergeet je vervolgens de volgende keer weer mee te nemen en koop je er vervolgens weer één. Tip: Loop even naar de broodafdeling voor een plastic zakje van de broodjes en croissants 😉. Persoonlijk vind ik het ronduit smerig om groente of fruit zonder verpakking in de winkelwagen of mandje te leggen, waar net de chihuahua van de vorige klant in is vervoerd.
Die flinterdunne zakjes voor je tomaten of sperziebonen lijken hermetisch te zijn afgesloten met buitenaardse technologie. Je staat daar als een idioot aan dat plastic te wrijven, te plukken en te blazen, terwijl er inmiddels een rij mensen achter je staat te wachten die ook hun uien willen inpakken.
Als je de zelfscan gebruikt, moet je deze tomaten natuurlijk ook nog even wegen en er een sticker opplakken. Je scrollt door vijftien soorten tomaten. Heb je nou de tros-tomaten, de pomodori-, cherry-, snack- of de romatomaten? Je gokt maar wat, plakt de sticker erop en loopt met een bonkend hart weg, hopend dat bij controle je niet arresteert wordt voor 'tomatenfraude'.
De Vleesafdeling
Je loopt vervolgens rustig verder door de supermarkt, mandje aan de arm en boodschappenlijst op je telefoon. Tot nu toe gaat alles soepel. De bonusaanbiedingen zijn al meegenomen en de bananen zijn perfect geel. Maar dan loop je richting het koelschap op de vleesafdeling. Daar begint de ellende:
- De ‘koelschap-plakker'
De meneer voor mij staat met de handen steunend op de rand van het koelschap te staren naar de biefstukken. Minutenlang. Alsof de uiterste verkoopdatum per seconde verandert. Hij staat precies zó in het midden dat niemand er meer bij kan. Vriendelijk "pardon" zeggen resulteert vaak in een diepe zucht, waarna hij zich welgeteld twee centimeter verplaatst.
- De grote gravers
We willen allemaal het product met de langste houdbaarheidsdatum, ik ben ook schuldig. Maar sommige mensen nemen dit wel héél serieus. Ze veranderen ter plekke in een archeoloog. Kipfilet vliegt van links naar rechts, rundergehakt wordt ondersteboven gekeerd en de hele stapel wordt vakkundig overhoop gehaald om dat éne bakje te vinden dat een dag langer mee kan. Een ravage achterlatend alsof er zojuist een kudde wilde zwijnen door het koelschap is gerend. - De biefstuk-dumper
Iemand heeft een biefstuk van 15 euro in zijn karretje gelegd, ontdekt drie gangpaden verder de prijs en besluit het vlees te lozen. Maar in plaats van netjes terug te lopen, wordt de biefstuk gedumpt... tussen de chips. Vlees hoort in de koeling. Als je het daarbuiten achterlaat, kan de supermarkt het weggooien. Zonde van het geld, zonde van de biefstuk. - De sticker-snaaiers
Kom je tegen etenstijd? Dan betreed je de arena van de 35%-korting-stickers. De vakkenvuller met het stickerpistool is hier de absolute popster. Er vormt zich een kring van hongerige klanten om deze arme tiener heen. Zodra er een sticker geplakt is, wordt het product zowat uit de handen van de medewerker gegrist. Fatsoen? Dat is vandaag niet in de bonus.
De gangpad-kampeerders
Vervolgens loop je richting de zuivelafdeling en jawel daar hebben we de medemens. De supermarkt brengt niet in iedereen het beste naar boven. Vooral niet in de mensen die besluiten dat het gangpad in de richting van de houdbare melk de perfecte plek is voor een reünie, een update over je gezondheid of een uitgebreid bijpraatsessie tijdens een telefoongesprek.
Ze parkeren hun winkelwagentje diagonaal over de hele breedte van het pad. Vervolgens gaan ze er zelf pal naast staan om te bellen over de naderende verbouwing van hun badkamer. Daar sta jij dan, met je magere Franse kwark in zicht, op koud een meter afstand. Je probeert eerst de subtiele aanpak: een lichte, beleefde hoest. Helpt niet. Je zet een stap dichterbij en maakt overdreven veel geluid met je eigen winkelkarretje. Geen reactie. Uiteindelijk sta je daar tussen de houdbare melk en de havermout, te overwegen of je simpelweg hun wagentje een duw moet geven of dat je jouw hele weekmenu maar moet aanpassen omdat het pad geblokkeerd is.
De zuivelafdeling
Na het overleven van de chaos bij het groenteschap, de strijd op de vleesafdeling en eindelijk de kampeerders voorbij, denk je dat je het ergste hebt gehad. Waarom verandert het gangpad met de meest alledaagse basisproducten zo vaak in een slagveld?
- De houdbaarheids-archeologen
We doen het bijna allemaal: even kijken of het achterste pak melk een paar dagen langer houdbaar is. Maar sommigen maken hier een sport van. Klanten verdwijnen half ín het koelschap om de achterste rij te plunderen. Pakken vla staan schuin, de yoghurt lekt, omdat er een winkelkarretje tegenaan is geramd en de voorkant van het schap is volledig leeg getrokken. En dat allemaal voor twee dagen extra houdbaarheid op een pak melk dat vanavond waarschijnlijk al opgaat. - De eeuwige plantaardige twijfelaar
De keuze in het zuivelschap is de afgelopen jaren reuze. Vroeger had je vol, halfvol en mager. Nu sta je oog in oog met havermelk, amandelmelk, sojamelk, rijstmelk en kokosyoghurt. Dit trekt een specifiek type consument aan: de twijfelaar. Deze persoon staat met de neus zó dicht op de verpakkingen dat de ruiten van de koeling beslaan. Ze bestuderen de ingrediëntenlijst van elke plantaardige melk alsof het een zeldzaam manuscript is, terwijl jij er alleen maar even snel langs wilt om je vertrouwde pak halfvolle melk te pakken. - Het toetjes-drama (inclusief huilend kind)
De zuivelafdeling herbergt ook de grootste valstrik van de supermarkt: de kindertoetjes met felle kleuren, Disney-figuren, kinderidolen en surprise-eitjes in de deksel. Dit schap is de vaste plek voor de wekelijkse driftbui. Er is áltijd wel een ouder te vinden die wanhopig probeert uit te leggen dat "we écht geen K3-vla meenemen vandaag", terwijl het kind zich krijsend ter aarde stort tussen de Optimel en de vanillevla.
- De zuivel-gooier
Dit is de meest asociale irritatie. Iemand heeft halverwege zijn winkelronde besloten dat die roomyoghurt toch net iets te machtig is voor het dieet. In plaats van de beker netjes terug te zetten, wordt hij achtergelaten bij de broodafdeling tussen de tijgerbroden, of erger nog: in het schap van de luxe koekjes. Een warm geworden, bedorven product dat rechtstreeks de vuilnisbak in kan. Pure verspilling.
De non-food afdeling
Je zou denken dat je nu alles wel hebt gehad. Maar dan draai je het gangpad in van de shampoo, tissues, maandverband en het wc-papier. Bij dit gangpad kom je niet voor je plezier of voor een lekker tussendoortje; je komt hier voor de bittere noodzaak en persoonlijke hygiëne. En juist dáár gaat het vaak mis. Waarom is dit gangpad de ultieme test voor je sociale vaardigheden?
- De ‘24-pack-WC-papier’-blokkade
De pakken WC-papier zijn groot. Heel groot. En als er een aanbieding is (1+1 gratis op de mega-pakken met 24 rollen), verandert het gangpad in een onbegaanbaar doolhof. Mensen proberen twee van die gigantische verpakkingen in hun toch al volle winkelwagen te proppen, wat resulteert in een soort Tetris voor volwassenen. Terwijl iemand met een gigantisch pak drie-laags toiletpapier staat te worstelen, blokkeren ze met hun winkelwagen de doorgang. Jij wilde alleen maar een doosje tissues pakken, maar je zit vast in de file achter een muur van toiletpapier.
- De geurtester bij de shampoo
Er is een speciaal type supermarktbezoeker dat de shampoo-afdeling beschouwt als een persoonlijke parfumerie. Ze pakken een fles, draaien de dop open, knijpen er zachtjes in om de lucht te ruiken, en zetten hem weer terug. En dat bij minstens zes verschillende varianten. 'Is dat ‘Passievrucht & Cranberry' of toch liever 'Aloë Vera & Avocado'?' Niemand wil een fles shampoo kopen waar al drie vreemden met hun neus bovenop hebben gehangen. Bovendien duurt dit keuzeproces zó lang dat je ondertussen zelf grijze haren krijgt (waar je dan ook weer een specifieke shampoo voor nodig hebt). - De maandverband-besluiteloosheid
Het schap met het maandverband en de tampons is een explosie van roze, blauw, vleugels, nacht-varianten, druppel-symbolen en biologisch katoen. Het is een wetenschap op zich. Hier zie je vaak twee irritaties: De persoon die de 'druppels' bestudeert en daardoor al tien minuten het hele schap bezet houdt. En de wanhopige partner die via FaceTime een live-verbinding heeft met het thuisfront: "Nee schat, er staat hier 'Ultra Normal', maar die heeft geen vleugels! Moet ik die met de paarse of de roze streep hebben?!" Ondertussen staat de rest van de klanten ongeduldig te wachten… - De zakdoek-graaiers tijdens het griepseizoen
Zodra de 'r' in de maand zit of de hooikoorts toeslaat, transformeert de tissue-afdeling in een soort oorlogsgebied. De dozen met zachte balsem-zakdoekjes zijn niet aan te slepen. Wat hier irriteert, zijn de mensen die ter plekke – midden in het gangpad – besluiten uitgebreid hun neus te snuiten zónder een zakdoekje te gebruiken, om vervolgens met hun ongewassen handen door het schap te gaan graaien naar de voordeligste voordeelverpakking…
De zelfscan
Inmiddels zwaar geïrriteerd besluit je dan maar richting kassa te gaan. We gaan naar de zelfscan, want die zou ons leven makkelijker maken. Snel en efficiënt. Maar in werkelijkheid heeft het ons getransformeerd in een stel nerveuze wrakken. Je scant je spullen, tikt vrolijk op 'betalen' en dan gebeurt het. Het scherm springt op rood. Een snerpende stem galmt door de ruimte:
"Er is een steekproefsgewijze controle vereist. Een medewerker komt eraan."
Onmiddellijk breekt het angstzweet je uit. Je hartslag schiet naar 180. Je kijkt schichtig om je heen. Heb je die drie losse bananen wel gewogen? Zit er per ongeluk een avocado onderin je tas die je bent vergeten? Terwijl een achttienjarige medewerker met de traagheid van een luiaard komt aanlopen om met een handscanner door je tas te gaan, probeer je zo onschuldig mogelijk te kijken.
De Schijnbeweging bij de Kassa
Om die zelfscan-ellende te voorkomen, besluit je toch maar om langs een échte caissière te gaan. Je sluit aan achter een vriendelijke meneer met één pak melk en een tros bananen. "Dit gaat snel," denk jij, naïef als je bent. Maar zodra het jouw beurt dreigt te worden, gebeurt het:
- De streepjescode van de bananen weigert te scannen.
- Er wordt een caissière opgeroepen via de intercom ("Assistentie bij kassa 3 a.u.b.").
- De meneer besluit dat dit hét moment is om te betalen met een zak losse eurocenten die hij nog ergens in de voering van zijn jas had zitten.
Ondertussen zie je de rij naast je – die net nog tot in het gangpad van de chips stond – transformeren in een sneltrein waar de ene na de andere klant fluitend doorheen sjeest. Zal ik switchen of toch blijven staan? Je overweegt te switchen van rij, maar je weet: zodra je dát doet, gaat kassa 4 vastlopen omdat de bon-rol op is.
Eindelijk aan de beurt, het is dinsdagavond en je hebt een rotdag gehad. In je mandje liggen: een diepvriespizza, een reep chocolade met zeezout en een fles goedkope wijn. Je vermijdt elk oogcontact met de caissière. Je staart intens naar het pinapparaat en wil bíjna zeggen: "Ja, die pizza is voor mijn neefje die zo langskomt, en de chocola is een cadeautje!", maar je weet dat het je alleen maar verdachter maakt. Snel inpakken en wegwezen.
Het poortje
Je hebt succesvol de zelfscan of kassa overleefd en je wilt de winkel verlaten. Maar tussen jou en de vrijheid staat het poortje dat open moet met de barcode op je kassabon.
- Je houdt het bonnetje voor de scanner. Niets.
- Je houdt het dichterbij. Niets.
- Je strijkt de kreukels glad. Niets.
Er begint zich een rij ongeduldige mensen achter je te vormen. Je voelt de druk. Je scant nog een keer, nu met lichte agressie. Het poortje blijft dicht. Je zit officieel gevangen in de Albert Heijn. Je overweegt serieus om over het poortje heen te klimmen, totdat er een medewerker naar je toe loopt, de scanner aanraakt en het poortje magisch openspringt.
De winkelwagentjes-rodeo op de parkeerplaats
De frustratie stopt niet zodra je de winkel uit bent. Op de parkeerplaats begint het: het terugbrengen van de winkelwagen.
- Het muntjes-drama: Je hebt speciaal een winkelwagen-euro in je dashboardkastje liggen. Kom je bij de karretjes, blijkt dat deze supermarkt werkt met een nieuw systeem waar alleen een speciaal plastic muntje in past. Daar sta je dan, te hannesen met de achterkant van een pen of een huissleutel om dat ding los te krijgen.
- Dan hebben we nog de Aso: De mensen die hun karretje niet terugbrengen, maar hem los laten rollen tussen twee geparkeerde auto's. Eén windvlaag en dat ding lanceert zichzelf zo in de zijkant van jouw bolide.
Maar hé, je hebt het overleefd. Je haalt diep adem. Vrijheid. Rust. Totdat je je thuis beseft... dat je de knoflooksaus bent vergeten...
Sterkte daarbinnen volgende week. En onthoud: adem in, adem uit, en blijf met je neus uit de shampoo! 😉
Afbeeldingen gemaakt met gebruik van Gemini en Copolite
Reactie plaatsen
Reacties
Adem in, adem uit.
En door!!!!!!